Besmetting met de bacterie listeria monocytogenes leidde tussen 2016 en 2018 in 5 Europese landen tot 47 zieken, waarvan 9 mensen overleden. In juli 2018 bleek dat een Hongaarse fabriek van producent Greenyard de bron was van de besmetting. Het ging daarbij om groenten die verkocht waren als diepvriesgroenten of in diverse andere producten waren verwerkt. Coen van der Weijden, coördinerend/specialistisch inspecteur microbiologie: "Hoewel in Nederland op dat moment geen ziektegevallen bekend waren die verband hielden met deze Hongaarse producent, waren we als NVWA wel direct alert op mogelijke import van producten uit deze fabriek."

Coen van der Weijden, coördinerend/specialistisch inspecteur

Listeria monocytogenes is een bacterie die hersenvliesontsteking of bloedvergiftiging kan veroorzaken bij risicogroepen zoals ouderen, zwangere vrouwen, pasgeboren baby's en volwassenen met een verzwakt afweersysteem. Daarbij kan het verloop van de ziekte dodelijk zijn. Van der Weijden: "Wij kregen op 12 juli de melding dat de fabriek door de Hongaarse voedselautoriteit was gesloten en dat de gehele productie van augustus 2016 tot en met juni 2018 werd teruggeroepen. We wisten in het begin niet hoeveel daarvan in Nederland terecht was gekomen en in welke producten de groenten waren verwerkt. Maar omdat het om het terughalen van 2 jaar productie ging, wisten we wel dat het heel groot zou kunnen worden."

Om consumenten te informeren publiceerde de NVWA direct een bericht met uitleg over de situatie. Daarin werd aangegeven dat, als zou blijken dat er mogelijk besmette producten aan Nederlandse consumenten zouden zijn geleverd die een gevaar voor de volksgezondheid zouden kunnen zijn, bedrijven dan publiekswaarschuwingen zouden publiceren en dat de NVWA op de recall toe zou zien. Ook adviseerde de NVWA consumenten om bevroren groenten voor consumptie zo goed mogelijk te verhitten om het risico op infectie voor risicogroepen zo klein mogelijk te houden.

Binnen de NVWA werd een incidententeam geformeerd met inspecteurs en medewerkers van verschillende teams. Met als belangrijkste doel om de tracering uit te pluizen en in kaart te brengen. Van der Weijden: "Daarbij is een goede voorbereiding heel belangrijk. Bij een casus kan de impulsreactie ontstaan om meteen te gaan rennen, terwijl we het proportioneel op moeten pakken. Dat zijn we ook verplicht, zowel naar consumenten, als naar producenten. Want stel dat we zouden opleggen dat alles uit de markt moet, terwijl het gevaar op besmetting met listeria bij bepaalde producten geëlimineerd is doordat ze tijdens de verwerking voldoende zijn verhit? Dan zouden we dus onnodig voor onrust zorgen. Daarbij is het belangrijk om vooraf goede werkafspraken te maken en transparant te zijn over wat je al wel en nog niet weet. Op die manier kunnen inspecteurs hun werk goed doen."

Paula de Oliveira Calixto, inspecteur auditor

Paula de Oliveira Calixto, inspecteur auditor, werkte samen met andere inspecteurs in het zogenoemde 'belteam'. "Al snel werd duidelijk dat het om veel bedrijven ging, waaronder producenten, groothandels en eindschakels als horeca en supermarkten. Bedrijven die in beeld kwamen werden door ons gebeld, om hen te vertellen dat ze hun afnemers moesten informeren. En afhankelijk van de bewerking van de producten moesten zij een terughaalactie in gang gaan zetten. Daar waar hun producten, dienaar te verwachten gebruik een gevaar voor de volksgezondheid konden zijn ook bij consumenten terecht waren gekomen, moesten ze ook een publiekswaarschuwing uitbrengen. Veel bedrijven werkten gelukkig goed mee." Het kwam helaas ook voor dat bedrijven niet adequaat reageerden. Van der Weijden: "Dat komen we ook bij de dagelijkse meldingen helaas wel vaker tegen. Bedrijven hebben de verplichting om de NVWA in dit soort gevallen onverwijld te informeren. Dat is voor hen natuurlijk niet prettig, want er kan een publiekswaarschuwing uit volgen. Maar als wij merken dat bedrijven er te lang over doen voordat ze melden, of dat ze bijvoorbeeld pas melden op het moment dat de houdbaarheid van een product is verlopen, dan gaan we over tot maatregelen."

De Oliveira Calixto: "Natuurlijk probeerden we dit soort bedrijven in eerste instantie op andere gedachten te brengen en gaven we ze een zeer korte termijn om de melding alsnog te doen. En dat deden we indien nodig ook nog een tweede keer. Maar als het dan nog niet gebeurde, legden we een 'last onder dwangsom' op. Dat betekent dat als bedrijven niet melden, ze een fors bedrag per dag moeten betalen. We hebben in totaal 25 rapporten van bevindingen opgelegd en 8 keer een last onder dwangsom. Dat laatste leidde ertoe dat 7 betreffende bedrijven alsnog vlak voor de deadline aan hun verplichting voldeden en er in 1 geval een last van 10.000 euro is verbeurd." De NVWA is afhankelijk van de naleving van de meldingsplicht door bedrijven om goed te kunnen traceren. De Oliveira Calixto vindt het ernstig als bedrijven dat niet vanzelfsprekend doen. "Als levensmiddelenproducent ben je immers verantwoordelijk om de wet- en regelgeving te kennen, inclusief de verplichtingen die dat met zich meebrengt."

"Voedselveiligheid heeft voor de NVWA de hoogste prioriteit."

Met de terugroepacties heeft de NVWA bij zo'n 15.000 afnemers in binnen- en buitenland bijna 1,3 miljoen kilo aan diepvriesgroenten opgespoord en zo nodig uit de handel gehaald. De helft daarvan was bij de productie niet industrieel verhit; dat betekent dat er nog ziektekiemen in het product aanwezig konden zijn. Een onderdeel van de tracering in Nederland betrof ook leveranciers aan cruise-, vracht- en binnenvaartschepen die bevoorraad waren met diepvriesgroenten van de Hongaarse fabriek. Naast distributie in Nederland, zijn de diepvriesgroenten vanuit Nederland ook verhandeld naar 17 andere EU-lidstaten en naar 28 landen buiten de Europese Unie. De NVWA heeft de bevoegde autoriteiten van die landen daarover geïnformeerd via het RASFF systeem. Zo nodig heeft het bedrijfsleven de producten uit de handel gehaald.

Van der Weijden: "In sommige gevallen zijn deze producten toch bij consumenten terecht gekomen. Daarom hebben bedrijven in 4 gevallen een publiekswaarschuwing verspreid. In een van die gevallen ging het bijvoorbeeld om groenten-smoothies. Er was namelijk pastinaak uit de Hongaarse fabriek gebruikt in zakjes groenten die een groothandel aan de horeca levert voor deze smoothies. Omdat de groenten rauw worden gebruikt, was het risico op mogelijke besmetting aanwezig."
Op 27 juli 2018 kon de NVWA melden dat de terugroepactie was afgerond. Van der Weijden en De Oliveira Calixto kijken er met een goed gevoel op terug. De Oliveira Calixto: "We hebben in 3 weken tijd een heel grote klus geklaard met een soepele samenwerking tussen alle betrokkenen binnen de NVWA. Net als met veel andere acties laten we hiermee zien dat voedselveiligheid voor de NVWA de hoogste prioriteit heeft."