In 2017 waren we druk met het door eierlegbedrijven gebruikte verboden middel fipronil. Het middel werd ingezet om bloedluis bij kippen te bestrijden. Honderden bedrijven werden geblokkeerd. Miljoenen eieren verdwenen in de afvalcontainers.

Wat zagen we in 2017?

Al snel kwam de vraag naar voren wie hier een steek had laten vallen. Waren de boeren goedgelovig geweest toen een bedrijfje met een 'wondermiddel' langs kwam? Hadden de NVWA en de NCAE (Nederlandse Controle Autoriteit Eieren) niet eerder moeten reageren? Had de brancheorganisatie dan geen signalen moeten oppikken dat hier iets aan de hand was? En was er in de eiersector ook niet zoiets als een privaat kwaliteitssysteem die het betrokken bedrijf van het bestrijdingsmiddel had gecontroleerd?

Een certificaat in de eierketen, om bijvoorbeeld stallen te ontsmetten, is geen waterdichte garantie voor deugdelijk werk, maar verhoogt wel de kwaliteit en veiligheid in de keten. Eind 2017 waren er nog altijd 45 legbedrijven geblokkeerd. Laboratoriumtesten toonden aan dat de concentraties fipronil bij deze bedrijven nog steeds te hoog waren.

Er lopen 2 onderzoeken naar de fipronil-affaire; door de Commissie-Sorgdrager (in opdracht van het kabinet) en door de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Publicatie van de rapporten vindt in de loop van 2018 plaats.

"Je wilt dat zo'n bedrijf zélf zijn verantwoordelijkheid neemt."

Niet alleen bij de eierlegbedrijven, maar ook bij de bedrijven in de volgende schakels van de eierketen was er discussie over de wettelijke plicht om te controleren, producten met fipronil te melden én ze uit de handel te halen.

Zoals de eierproductbedrijven die van eieren gedroogd of vloeibaar eierproduct maken om als halffabricaat af te zetten aan verwerkende bedrijven die er vervolgens bijvoorbeeld koekjes van maken. Deze bedrijven voelden zich vooral slachtoffer. Zij hadden de fipronil immers niet in de eieren 'geduwd' zo vertelden ze senior inspecteur/auditor Dirk Vandersmissen die samen met inspecteur/teamleider Wim Peeters van de NCAE 2 van de in totaal 20 eierproductbedrijven heeft geaudit.

Vandersmissen: "Bij zo'n incident werk je in een hele speciale dynamiek. Op basis van de boekhouding, documenten en andere informatie, probeer je zo snel mogelijk een volledig beeld te krijgen van het bedrijf. Je beoordeelt of aan de wettelijke verplichting wordt voldaan en wijst ze anders op hun verantwoordelijkheid. Met een last onder dwangsom achter de hand als ze niet meewerken. Je hebt natuurlijk het liefst dat zo'n bedrijf zelf zijn verantwoordelijkheid neemt. Op dat moment ben ik er echt niet mee bezig dat later misschien onderzocht gaat worden of ik wel juist heb gehandeld. Het is geen routinewerk, maar een heel uitgebreide opdracht waar je samen met je team, andere geledingen binnen de NVWA én de NCAE aan werkt."

Beide inspecteurs zijn positief over de onderlinge samenwerking. Peeters: "De NVWA-inspecteur is expert in het opvolgen van meldingen, het uitvoeren van audits en de speciale acties die eruit kunnen voortvloeien zoals een bedrijf een recall laten doen." Vandersmissen: "De NCAE doet het reguliere toezicht en beschikt over veel specifieke kennis van deze bedrijfstak en het product. Zo weet Wim veel over de techniek en kent hij de cultuur en de mensen."

In zijn veertigjarige loopbaan vindt Wim Peeters de fipronil-affaire de meest ingrijpende van de incidenten en crisissen die hij meemaakte. "De getroffen ondernemingen, vaak familiebedrijven, wankelden. De impact was enorm voor ze. Ze moesten vaak de hele productie traceren op fipronil. Dan kon ik 's avonds bij een glaasje wijn wel denken: ik hoop dat ze het redden. De fipronil-affaire was een heikel én tegelijkertijd heel boeiend, uitdagend proces waar ik dagelijks uit put in het contact met de bedrijven. Geen abstract, theoretisch verhaal, maar concrete, aansprekende voorbeelden waarmee ik de bedrijven kan aanspreken op hun verantwoordelijkheid en gedrag."

Met wie werken we samen?

Na de fipronil-affaire zijn onderzoeken gestart om na te gaan wat er precies gebeurd is en welke lessen voor de toekomst daaruit getrokken kunnen worden. Een van de zaken is te bekijken hoe het zelfregulerend vermogen van de productieketen van eieren verbeterd kan worden. Denk aan een systeem van checks and balances, waarin alle betrokken partijen (producent, retail, consument, toezichthouder) elkaar scherp houden. Het publieke belang van voedselveiligheid moet goed geborgd zijn. Nu zijn er nog te veel kwetsbaarheden in het systeem.

De NVWA en de NCAE nemen deel aan een ministeriële werkgroep die aanbevelingen heeft gedaan om bovengenoemde zelfregulering te versterken.